Waarom schaffen organisaties een Elektronische Leeromgeving aan?

27-10-2016 - Willem van Vredendaal

E-learning en Elektronische Leeromgevingen
De focus van de samenleving is sinds het aflopen van de Tweede Wereldoorlog verschoven van een industry-based economie naar een knowledge-based economie (Spender & Scherer, 2007). In deze knowledge-based economie is kennis de belangrijkste asset van organisaties. Mede door deze verschuiving en gedreven door de technologische ontwikkelingen is ook de leerbehoefte van medewerkers veranderd. Medewerkers willen zelf kunnen bepalen wat ze leren, wanneer ze leren en vanaf welk device ze leren. E-learning is dè oplossing om in deze behoefte te kunnen voorzien. E-learning omvat elke vorm van leren waarbij gebruik wordt gemaakt van digitale ondersteuning. Een elektronische leeromgeving (ELO) is een voorbeeld van een vehikel waarmee invulling aan E-learning kan worden gegeven.

Het gebruik maken van een ELO biedt vele voordelen, waarvan het reduceren van de kosten één van de meest in het oog springende is. Er kan door gebruik te maken van een ELO bespaard worden op onder andere het huren van fysieke locaties, reiskosten en de inzet van trainers. Een ELO biedt bovendien vele mogelijkheden, zowel voor trainer als cursist, zoals:

  • Het expliciteren en overdraagbaar maken van (impliciete) kennis;
  • Het verzamelen van voorbereidende opdrachten en toetsen en deze nakijken met behulp van rapportages;
  • Het communiceren van (organisatorische) informatie over de opleiding (deadlines, opdrachten);
  • Het maken van persoonlijke aantekeningen;
  • Het monitoren van de voortgang van de cursisten;
  • Het inventariseren van de ondersteuningsbehoefte van deelnemers als voorbereiding op de fysieke bijeenkomsten.

Een ELO biedt tal van mogelijkheden, maar zult u denken, wat levert een ELO nou op voor een organisatie? Is het een leuke ‘gadget’, een trend of biedt het daadwerkelijk structureel voordeel? ELO’s zijn zeker geen trend en leveren wel degelijk duurzame voordelen op. Een ELO vergroot de schaalbaarheid van de kennis en de flexibiliteit waarmee de informatie aangeboden kan worden. Kennisoverdracht is niet langer meer afhankelijk van single point of failures binnen uw organisatie en kennis kan bovendien (tegen betaling) aan andere organisaties beschikbaar worden gesteld.


Alleen maar digitaal leren?
Is het traditionele leren, met een klaslokaal en een docent in de nabije toekomst verleden tijd? Kunnen organisaties beter verder gaan zonder trainers en alle kennis online in een ELO plaatsen? Dat zeker niet, maar de rol van trainers zal wel degelijk veranderen. De ultieme leerervaring en het optimale leerresultaat worden bereikt door E-learning te combineren met fysieke trainingsbijeenkomsten, met een duur woord ook wel blended learning genoemd (Garrison, D. R., & Kanuka, H. (2004). De fysieke bijeenkomst kan volledig besteed worden aan de behandeling van praktijkvoorbeelden en het toepassen van de theoretische concepten op de praktijk van de deelnemers. Hierdoor hoeven tevens de fysieke bijeenkomsten niet aangepast te worden aan de minst snelle deelnemer aangezien iedereen vooraf in zijn of haar eigen tempo de theorie bestudeerd heeft.


Referenties:
Garrison, D. R., & Kanuka, H. (2004). Blended learning: Uncovering its transformative potential in higher education. The internet and higher education, 7(2), 95-105