Verschilt de samenwerking in een sportteam van het werken bij Optimale Samenwerking?

2-6-2017 - Willem van Vredendaal

Als kleine jongen wist ik het zeker; ik moest en zou profbasketballer worden. Vanaf mijn veertiende tot mijn negentiende levensjaar stond dan ook alles in het teken van het (tevergeefs) proberen te realiseren van deze droom; het wekelijks schitteren in de grotere basketbalzalen van Europa. Dit weekend was ik aan het mijmeren over deze periode in mijn leven. Ik besefte toen dat er veel meer overeenkomsten zijn, tussen mijn huidige werk en de rol en de dynamiek binnen een basketball team, dan je op het eerste gezicht zou denken. Bovendien denk ik dat er voor teams op de werkvloer van veel organisaties een hoop te leren valt van sportteams.

11 keepers of 4-4-3?

Tegenwoordig moet iedereen ‘overal’ goed in zijn. Volgens mij slaan wij hier binnen onze maatschappij in door. Vanuit het voetbal weten wij allang dat het spelen met 11 keepers niet zal leiden tot de overwinning. Waarom vinden we het in het bedrijfsleven dan toch zo moeilijk om voornamelijk te investeren, en uit te gaan van wat iemand goed kan, in plaats van alsmaar in te zetten op het verbeteren van mindere kwaliteiten?

Deze behoefte aan generalisme uit zich in ons onderwijssysteem maar ook bijvoorbeeld in de introductie van de (sociale) wijkteams, waarin ‘generalisten’ de primaire zorgtaak binnen wijken op zich nemen. Een gevolg hiervan is dat in veel gevallen te lang wordt ‘aangemodderd’ met zware, complexe casuïstiek, waardoor de problematiek toeneemt. Bij Optimale Samenwerking ervaar ik dat teams binnen projecten worden samengesteld op basis van een ‘ideal fit’ (combinatie van kennis, het Belbin profiel en de wensen van de klant) voor de klant.


Resultaatgerichtheid

Een grote overeenkomst tussen het nauw samenwerken in een sportteam en het werken in een projectteam is dat ik in beide contexten continu met collega’s/teamgenoten toewerk naar het realiseren van uitdagende en gezamenlijke resultaten. Waarin de persoonlijke ontwikkeling van belang is, maar altijd ondergeschikt blijft aan, en soms zelfs conflicteert met, het teambelang. Een belangrijke voorwaarde voor het behalen van successen in beide contexten is dat collega’s/teamgenoten elkaar continu uitdagen, prikkelen en stimuleren. Dit hoeft niet altijd op een vriendelijke manier te gebeuren, zolang het resultaat maar centraal staat.

De aanwezigheid van deze stimulerende context bij Optimale Samenwerking maakt dat ik erg veel plezier heb in mijn werk en mij soms zelfs onderdeel waan van een topsportteam.